Gieterveen Hervormde kerk

Kerk
Deze gemeente werd in 1849 zelfstandig


Foto: (03)

Orgel

1913: Bericht ingebruikname van een nieuw orgel. Geen verdere details bekend

Nieuwe Veendammer courant 03-05-1913

Voor 1939: Er stond een orgel dat gebouwd zou kunnen zijn door van Oeckelen in 1890 of 1913?. In 1939 werd het verkocht aan de Gereformeerde kerk te Gasselternijveen.

1938/39: Aankoop van het orgel uit de Oud-katholieke kerk van Dordrecht. Dit orgel werd in 1842 of 1844 gemaakt door Kam en van der Meulen. De kast werd niet overgeplaatst en bleef in Dordrecht. Sanders plaatste het pijpwerk te Gieterveen in een nieuwe kast.
Voor de geschiedenis van het orgel te Dordrecht (1842-1938) en (1984-heden) zie een artikel uit het "Mededelingenblad van de Oud-Katholieke Organistenvereniging"  nr.25 (september 1989). Dit artikel is weer gebaseerd op een samenvatting die pr. J. Spaans gemaakt heeft van zijn boekje "Geschiedenis van de orgels in de Oud-katholieke Kerk van Dordrecht". (01)


Foto vanuit http://www.kerkeninbeeld.nl

Oorspronkelijke dispositie te Dordrecht:

Hoofdmanuaal   Bovenmanuaal   Pedaal
Prestant 8' Holpijp 8' Aangehangen
Holpijp 8' Viola da Gamba 8' disc.  
Prestant 4' Salicionaal 4'  
Fluit 4'  Fluit 4'  
Octaaf 2' Woudfluit 2'  

Dispositie na de plaatsing te Gieterveen:

Hoofdmanuaal     Bovenmanuaal     Pedaal C- c'
Prestant 8' 1844/1939 Holpijp 8' b/d 1844 Aangehangen
Holpijp 8' 1844 Celeste 8' disc 1902  
Octaaf 4' 1844 Flute harmonique 4' 1902  
Roerfluit 4'  1844 Sesquialter II 1939  
Octaaf 2' 1844        



Beeldbank Drents Archief



Beeldbank Drents Archief

1953: Advies tot restauratie van het orgel

Bijlagen van de Handelingen der Generale Synode der Nederlandsche Hervormde Kerk ten jare 1956

1984: Het Kam en v.d. Meulen binnenwerk wordt met een besluit van de kerkenraad op 22-02-1984 weer terugverkocht aan de Oud Katholieke kerk te Dordrecht.
Het Sanders-materiaal wordt verkocht aan de gereformeerde kerk van Ruinerwold voor f 15.000,-
In het tijdschrift Kerk en Muziek (1989-04) van de VOGG staat omtrent de terugverkoop en de restauratie in Dordrecht een uitgebreid artikel. Zie blz. 0102, 03, 04.

1989: Restauratie/reconstructie van het instrument te Dordrecht door Van Buuren / Van Eeken. Uitbreiding met een Subbas op het pedaal en een Fagot 8' op het Hoofdwerk (op lege sleep). (01)

2005: De kerk in Gieterveen beschikt nu over een 3-klaviers analoog elektronisch Johannes-orgel (02)


Foto's: (03)

Dispositie na herplaatsing te Dordrecht:

Hoofdmanuaal   Bovenmanuaal   Pedaal  
Prestant 8' Holpijp 8'  Subbas 16'
Holpijp 8' Viola da Gamba 8' disc.    
Octaaf 4' Salicionaal 4'    
Roerfluit 4'  Fluit 4'    
Octaaf 2' Woudfluit 2'    
Fagot 8'        

Bronvermelding:

  1. Informatie uit een E-mails van Leo Middelkoop d.d.  8-3-2001 23:31 uit de internet-discussielijst Organist en 12-3-2001 21:02 (privé)
  2. E-Mail van Martin W. Veenstra d.d. 26-08-2005
  3. www: http://reliwiki.nl/index.php?title=Gieterveen,_Broek_7_-_Hervormde_Kerk

Het orgel in de Oud-katholiek kerk te Dordrecht. Foto uit de orgelencyclopedie deel 1840-1849 blz.197-200 Het orgel in de Oud-Katholieke kerk te Dordrecht

Het huidige Oud-Katholieke kerkgebouw te Dordrecht is in de jaren 1842/1843 gebouwd naar ontwerp van de gemeentelijke architect G.N. Itz.
Voor deze kerk bouwden de orgelmakers Kam en van der Meulen uit Rotterdam een nieuw orgel met twee manualen en een aangehangen pedaal. Adviseur bij de bouw was de beroemde Rotterdamse organist, componist en klokkenist Samuel de Lange Sr.
De orgelbouwers Willem Hendrik Kam (1806 - 1865) en Hendrik van der Meulen (1810 - 1852) hadden het orgelmakersvak waarschijnlijk beiden geleerd bij de gebrs. van Dam te Leeuwarden. In 1837 vestigden zij zich als zelfstandige orgelmakers in Rotterdam in een pand aan de Leuvehaven.
Vele belangrijke orgels verlieten hun werkplaatsen, o.a. die van de Nederlands-Hervormde kerk te Oudewater (1840). de Rooms-Katholieke Sint Bonifatiuskerk te Dordrecht (1842) en de Nederlands-Hervormde Nieuwe kerk te Zierikzee (1848).
Toen Hendrik van der Meulen in 1852 kwam te overlijden, zette W.H, Kam de zaak alleen voort. Het belangrijkste instrument van zijn hand siert nog altijd de Onze Lieve Vrouwe of Grote kerk te Dordrecht (1859).
In 1902 word het orgel in de Oud-Katholieke kerk te Dordrecht door J.J, van Bijlaardt, fabrikant van kerkorgels te Dordrecht, ingrijpend gewijzigd.
Helaas werd onder druk van de toenmalige aartsbisschop Mgr. A. Rinkel door het kerkbestuur in 1938 besloten om een nieuw orgel te laten bouwen achter het oude front door de firma J.C. Sanders te Utrecht, onder advies van Alex de Jong, lid van de Oud-Katholieke Orgelraad.
Het oude orgel, dat zogenaamd niet meer te restaureren was, werd door de firma Sanders verkocht aan de Nederlands Hervormde kerk te Gieterveen, alwaar het tot 1984 zonder al te veel storingen dienst deed.
Het nieuwe orgel van Sanders voldeed niet en was van zeer inferieure makelij. In de loop der jaren vertoonde het instrument steeds meer gebreken. Het kerkbestuur slaagde er in 1984 in om, na jarenlang onderhandelen, het oude orgel van Kam en Van der Meulen uit Gieterveen terug te kopen.
Aan de orgelmakers Van Eeken en Van Buuren te Leusden/Poortugaal werd opdracht gegeven om het orgel voorlopig op te slaan in afwachting van mogelijke subsidies voor de restauratie en herplaatsing.
Op 2 december 1986 zegt de Rijksdienst voor de Monumentenzorg een subsidie toe van 80 % van de restauratiekosten. Ook het Prins Bernhardfonds en de Van der Mandelestichting zijn bereid het project te subsidiëren. Daarom kan het kerkbestuur aan de eerder genoemde orgelbouwers opdracht geven het orgel te restaureren en zelfs uit te breiden met een vrij pedaal en een tongwerk op het hoofdwerk.
Bij de restauratie, onder advies van Klaas Bolt en Jaap Spaans, is ervan uitgegaan dat het instrument geheel in de oorspronkelijke staat diende te worden hersteld, tot in alle details. Er is geen enkele concessie gedaan bijvoorbeeld met betrekking tot de vochtigheidsgraad van het kerkgebouw.

In grote lijnen komt de restauratie neer op de volgende punten:

  1. Herstel van de authentieke windvoorziening inclusief de trapinstallatie.
  2. Restauratie van de windladen in geheel authentieke staat.
  3. Reconstructie van het ontbrekende pijpwerk aan de hand van andere orgels van dezelfde orgelmakers.
  4. Het terugbrengen in de oorspronkelijke kleuren van de orgelkas en het opnieuw vergulden van de ornamenten.
  5. Nieuw worden bijgemaakt: Een Fagot 8’ in Kam-factuur op een open plaats; Een Subbas 16’ in Kam-factuur in een nieuwe pedaalkast achter de hoofdorgelkast. Een pedaalkoppel naar het eerste manuaal.

Op 9 april 1989 wordt het gerestaureerde orgel feestelijk in gebruik genomen.

De huidige dispositie luidt:

Hoofdwerk C-f'''   Bovenwerk C-f'''   Pedaal C-b  
Praestant 8’ (1844-1989) Fioo1 di Gamba 8’ d (1989) Subbas 16' (1989)
Holpijp 8’ (1844) Holpijp 8’ (b/d) (1844)      
Octaaf 4’ (1844) Salicionaal 4’ (1989)      
Roerfluit 4’ (1844) Fluit 4’ (1989)      
Octaaf 2’ (1844) Woudfluit 2’ (1989)      
Fagot 8’ (1989)            

manuaalkoppel
metalen pijpwerk: 75% lòod en 25% tin
pedaalkoppel
houten pijpwerk van eiken
twee afsluiters
orgelkassen van grenen
tremulant bovenwerk
windladen van eiken
twee spaanbalgen

Zie ook: http://reliwiki.nl/index.php/Dordrecht,_Voorstraat_120_-_St._Maria_Maior