Assen, Christelijk Gereformeerde kerk (Bethelkerk)
1901-1945 Joodse Synagoge
Het gebouw dateert uit 1901 en werd gebouwd als Joodse Synagoge. Het is een
ontwerp van de architect J. Smallenbroek (03).
1945-1966 Gereformeerd Vrijgemaakte kerk
Aanvankelijk was alleen een harmonium aanwezig.
1965: Nieuw orgel in deze kerk door de firma E. R.
Ottes te Roden. Het is niet bekend wat er met het vorige instrument gebeurde.
Dit één-klaviers mechanisch sleeplade orgel had de volgende dispositie:
| Manaal | Pedaal | ||
| Prestant | 4' | Dulciaan | 16' |
| Gedekt | 8' | ||
| Roerfluit | 4' | ||
| Octaaf | 2' | ||
| Cimbel | 2 st. |
Het orgel werd 29 mei 1965 in gebruik genomen (04). Onderstaande afbeelding is van de voorkant van het programma bij de ingebruikname van het instrument. (05)

1970: De Gereformeerd Vrijgemaakten kopen de Gereformeerde Noorderkerk
en de Bethelkerk wordt verlaten en staat een aantal jaren leeg.
Het oude orgel werd verkocht aan de Vrijgemaakt
Gereformeerde gemeente te Stadskanaal. (06) Van daaruit is het
inmiddels alweer verhuisd naar Creil Burgwalkerk. (07) Ook
daar is het inmiddels weer weg. Het staat nu in de Gereformeerd Vrijgemaakte
kerk te Nagele. Bij de overplaatsing is de Dulciaan van het pedaal vervangen
door een Subbas 16'. De overplaatsing en de plaatsing van de Subbas is gedaan
door Klaas Kapitein uit Urk. (08)
1980-heden Christelijk Gereformeerde kerk
Foto rechts gekregen via E-Mail begin april 2003 door G. Vos.
Op 26 maart 1980 werd door de Christelijke Gereformeerde Kerk van Assen de Bethelkerk
in gebruik genomen. Na de
tweede wereldoorlog werd de synagoge van Assen overgenomen en in gebruik genomen
door de Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt. Deze bouwden in 1966 de
Maranathakerk.
Van 1970 af stond het gebouw leeg en werd met sloop bedreigd. Tot in 1979 de Christelijke
Gereformeerde Kerk er haar oude gebouw aan de Kanaalstraat - inmiddels gesloopt, om plaats
te maken voor woningen - voor "inruilde". Door deze transactie met de gemeente
Assen kon de laatste herinnering aan het eens rijke Joodse leven in deze stad behouden
blijven. Na ingrijpende herstel- en verbouwingswerkzaamheden functioneert de kerk met
bijgebouwen nu dus als kerkelijk centrum van de Christelijke Gereformeerde Kerk. Het
opmerkelijke van het kerkgebouw is dat de ruimte enerzijds vrij klein en intiem is en
anderzijds door de grote hoogte (12.50 m tussen vloer en plafond) ongetwijfeld allure
heeft. Mede door de redelijke akoestiek is een ruimte ontstaan die bij uitstek geschikt is
voor het vieren van de eredienst. De gevelsteen herinnert nog aan het oude Joodse
gebedshuis (01).
Voor de orgelgeschiedenis van dit gebouw tussen 1945 en 1980 zie Assen, Maranathakerk
Orgel
Het besluit voor de aanschaf van een nieuw orgel door de kerkenraad viel in mei 1980, mede
nadat vertrouwen was gewekt voor de plannen van de orgelmakers Kaat & Tijhuis te
Kampen, die in samenwerking met de adviseurs ing. H.R. Smedema te Winsum Gn. en ing. T.
Heidinga te Leeuwarden een orgel hadden ontworpen met 22 stemmen, verdeeld over hoofdwerk,
rugpositief en vrij pedaal. Voor het ontwerp is aansluiting gezocht bij het werk van
Andreas Silbermann (1678-1734) en zijn zoon Johann Andreas (1712-1783). Er is niet naar
gestreefd een stijlcopie te realiseren, veeleer is getracht te komen tot een eigentijdse
interpretatie van een klassiek gegeven. Voor het frontontwerp is gekozen voor het schema
dat Andreas hanteerde voor het orgel dat bij bouwde te Marmoutier. De orgelmakers hebben
de torens van het orgel een halfcirkelvormige plattegrond te geven, terwijl de lijsten van
kappen en basementen het klassieke hoofdgestel vormen. Een typisch zuidelijk element zijn
de in het fries voortgezette consoles onder de torens. De kasten van het orgel zijn
gemaakt van oregon-pine en geschilderd in een roodbruine tint. Aparte vermelding verdient
het snij- en steekwerk aan het orgel. Het werd volgens ontwerp van T. Heidinga, uitgevoerd
door gemeenteleden en belangstellenden, allen amateurs. Het resultaat mag desalniettemin
gezien worden! Het niveau van het snijwerk doet nauwelijks onder voor professioneel
uitgevoerd werk. Het orgel heeft drie sleepladen n.l. twee gecombineerde pedaalwerkladen,
die staan opgesteld in de hoofdkast en een windlade voor het rugpositief. De
windvoorziening heeft één magazijnbalg, die met ruim bemeten houten kanalen op de
ventielkasten van de windladen is aangesloten. De winddruk bedraagt 70 mm waterkolom. Het
orgel heeft twee klassieke tremulanten nl. een tremblant fort die op het gehele orgel
werkt en een tremblant doux die op het rugpositief werkt. De toetstractuur is geheel
uitgevoerd in hout. Een deel van de draaipunten is niet ingevoerd. De manualen zijn als
staartklavieren gemaakt. De tractuur van het pedaal en het hoofdwerk is uitgevoerd met
walsramen, terwijl de tractuur van het rugpositief op de klassiek Franse wijze, met
stekers en in waaiervorm opgestelde balansen is geconstrueerd. Het metalen pijpwerk heeft
een gehamerde uitvoering bij een hoog loodgehalte.
De dispositie van dit orgel werd als volgt:
| Hoofdwerk | C - f''' | |
| Bourdon | 16' | Groot octaaf van hout |
| Montre | 8' | C t/m b in het front |
| Bourdon | 8' | Geheel orgelmetaal, vanaf c' met enge lange roeren |
| Prestant | 4' | C t/m Ais in het front |
| Doublette | 2' | |
| Cornet | V | Geplaatst op een verhoogde bank achter het front. Samenstelling op c': 8, 4, 2 2/3, 2, 1 3/5 |
| Fourniture | IV | Samenstelling zie onder |
| Cymbale | II | Samenstelling zie onder |
| Trompette | 8' | |
| Clairon | 4' | |
| Rugwerk | C - f''' | |
| Bourdon | 8' | |
| Prestant | 4' | C t/m cis in het front |
| Flûte | 4' | Met roeren |
| Nasard | 2 2/3' | |
| Doublette | 2' | Vrij wijd van mensuur |
| Tierce | 1 3/5' | Fluitmensuur |
| Fourniture | IV | Samenstelling zie onder |
| Cromhorne | 8' | |
| Pedaal | C - d' | |
| Soubasse | 16' | Geheel van hout |
| Octave | 8' | C t/m F in het front |
| Trompette | 8' | |
| Clairon | 4' |
| Samenstelling Fourniture IV van het Hoofdwerk: | C | 1 1/3 | 1 | 2/3 | 1/2 | ||||
| c | 2 | 1 1/3 | 1 | 2/3 | |||||
| c' | 2 2/3 | 2 | 1 1/3 | 1 | |||||
| c'' | 4 | 2 2/3 | 2 | 1 1/3 | |||||
| c''' | 5 1/3 | 4 | 2/23 | 2 |
| Samenstelling Cymbale II: | C | 1/2 | 1/3 | ||||||
| c | 2/3 | 1/2 | |||||||
| c' | 1 | 2/3 | |||||||
| c'' | 1 1/3 | 1 | |||||||
| c''' | 2 | 1 1/3 |
| Samenstelling Fourniture IV van het rugwerk: | C | 1 | 2/3 | 1/2 | 1/3 | ||||
| c | 1 1/3 | 1 | 2/3 | 1/2 | |||||
| c' | 2 | 1 1/3 | 1 | 2/3 | |||||
| c'' | 2 2/3 | 2 | 1 1/3 | 1 | |||||
| c''' | 4 | 2/23 | 2 | 1 1/3 |
Schuifkoppeling voor de manualen, koppelingen van positief en hoofdwerk naar pedaal, tremblant fort op het gehele orgel, tremblant doux op het positief.
Het orgel is gestemd in de 1/6 komma-temperatuur. Hierbij zijn de kwinten dus 5 1/6 komma te klein. De kwint es - bes is echter 1/6 komma te groot gestemd. De es is dan als dis bruikbaar, terwijl de kwint gis - dis nu een 1/2 komma te groot wordt en daardoor redelijk bruikbaar is. De veel gebruikte grate tertsen blijven in dit systeem nog 1/3 komma te groot (bij de evenredig zwevende temperatuur zijn ze 2/3 komma te groot). De onzuiverheden zijn dus over kwinten en tertsen beide verdeeld. Er zijn geen helemaal reine of bijna reine intervallen. Het orgel werd op 17 december 1981 door de kerkelijke gemeente in een speciale dienst in gebruik genomen. Het officiele ingebruiknemingsconcert volgde op 15 januari 1982, waarbij het orgel werd bespeeld door Hans van Nieuwkoop. (02)
Schrijver |
Boek- of tijdschrift artikel |
Omschrijving |
KNOV |
Het Orgel 1982/03 |
Orgelbouwnieuws |
| Tjibbe Heidinga | Organist en eredienst 1982/05 | Het orgel van de Christelijk gereformeerde kerk te Assen |
| De Mixtuur no 38(1982)305 en de Mixtuur no 39(1982)353. |
Noten: